Waarom ‘Swiebertje’nog steeds bij de NCRV past

Iconisch afscheidsbeeld: Swiebertje vertrekt naar Canada.
Iconisch afscheidsbeeld: Swiebertje vertrekt naar Canada.

Voor het eerst sinds veertig jaar klonk het weer: ‘Daar komt Swiebertje, rare Swiebertje.’  Ongetwijfeld een nostalgisch moment voor veel kijkers. En zeker voor uw recensent, want hij woonde als Rotterdamse schooljongen bij ‘Swiebertje’ om de hoek. Als we Joop Doderer over straat zagen lopen, zeiden we: “Daar komt Swiebertje.” Of, als het tegen de avond liep : “Nou, die mag wel opschieten als hij straks nog bij Saartje op de koffie wil.”

De NCRV vertoonde zaterdagnacht vanwege haar negentig-jarig jubileum de allerlaatste aflevering uit 1975, waarin Swiebertje naar Canada emigreert. Wat ging zo’n comedy langzaam toen. De hele episode spitste zich toe op Swiebertjes afscheidsfuif in herberg ‘De vergulde kip’. Het feest zelf bleef minutenlang in beeld: een orkestje, een dansje, een cadeautje. Dat zou nu veel sneller gaan. En nu zou je het als acteur ook niet meer kunnen maken om in beeld uitgebreid sigaren te roken, zoals Swiebertje met zijn kompaan Malle Pietje (Piet Ekel).

Minder gedateerd waren de grappen. Schrijver John uit den Bogaard (1911-1993) stopte er naast lach-of-ik-schiet-humor ook tijdloze woordgrappen in. Zo laat hij de zelfingenomen veldwachter Bromsnor (Lou Geels) zeggen: “Ik met mijn capacitaten.” Waarop huishoudster Saartje (Riek Schagen): “Oh, u bedoelt capaciteiten?”Bromsnor: “Ach, een moeilijk woord voor een eenvoudige vrouw als u.”

Gewoon een aardige grap, of subtiele kritiek van Uit den Bogaard op de standenmaatschappij waarin hij zijn ‘Swiebertje’-boeken situeerde? Bij oppervlakkige beschouwing  zie je een dorp van vóór de Eerste Wereldoorlog, waarin, passend bij die tijd, de burgemeester edelachtbaar is,  Saartje slechts juffrouw, en Swiebertje alleen maar Swiebertje. Maar als je verder kijkt, lijkt het alsof Uit den Bogaard die hiërarchie een venijnig speldeprikje geeft. Saartje is stukken slimmer dan de ‘boven haar gestelde’veldwachter. En de laagste in rang, Swiebertje, is de populairste dorpsbewoner. Iedereen houdt van Swiebertje, ook Bromsnor diep in zijn hart. Op zijn afscheidsfeest danst de zwerver zelfs met de barones.

Ja, dat zag ik als schooljongen allemaal niet. Ook niet dat Swiebertje verliefd was op Saartje, wat me nu een waarheid als een koe lijkt. Zaterdagmiddag, in een NCRV-jubileumshow, vertelde Joris Linssen iets waardoor je ineens begreep dat ‘Swiebertje’ ook echt een NCRV-programma is. “Heel gewoon doen tegen bijzondere mensen en heel bijzonder tegen gewone mensen, dat is de kracht van de NCRV”, zei Linssen. Als voorbeeld van het eerste doelde hij op ‘Showroom’en ‘Man bijt hond’. En als voorbeeld van het tweede op zijn eigen NCRV-show ‘Hello goodbye.’

Maar de comedy ‘Swiebertje’ past net zo goed in die denkwijze: iedereen in het dorp doet normaal tegen een excentrieke landloper. Toen ik me ’s nachts onderdompelde in de jubileummarathon – de beste NCRV-programma’s volgens de kijker – begon ik die filosofie steeds vaker te ontwaren.  Majoor Bosshardt die in ‘Villa Felderhof’de rug schoonschrobt van Herman Brood. Of die ’s ochtends om kwart over twaalf op zijn slaapkamerdeur klopt met de vraag: “Herman, besta je nog?” Ook dat is normaal doen tegen een bijzonder iemand. Zou dát dan die ‘c’in NCRV zijn?

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *