Staat zal niets doen tegen graai-bankiers

Joris Luyendijk over bankencrisis in 'Tegenlicht'.
Joris Luyendijk over bankencrisis in ‘Tegenlicht’.

Kok, Balkenende, Zalm, Blair.  Joris Luyendijk somde een eindeloze rij namen op van bestuurders die na hun politieke carrière werden ‘opgekocht’ door de financiële sector. “Banken hebben politici nodig, omdat ze, als het mis gaat, een graai willen doen in de staatskas.” De antropoloog en journalist opende in twee VPRO-programma’s (‘Tegenlicht’en ‘Boeken’) onze ogen voor de grillige wereld van de financiële dienstverlening.

Had journalist en hoogleraar Jeroen Smit dat op nationaal niveau al eens gedaan in zijn bestseller ‘De prooi’, Luyendijk pakt nu de ‘hele wereld’ aan in ‘Dit kan niet waar zijn’. Het boek is de weerslag van zijn tweejarig verblijf voor The Guardian in The City of London. Een onthutsend resultaat. Niet eerder kregen we zo’n indringend verslag van wat er echt gebeurde tijdens en na de mondiale bankencrisis van 2008. “Het oogde onschuldig: mannen van het failliete Lehman Brothers die met verhuisdozen over straat liepen”, vertelde Luyendijk op tv, “maar in werkelijkheid waren we maar een paar millimeter verwijderd van een wereldwijde pinstoring en stagnatie van de bevoorrading van supermarkten, apotheken en benzinestations.” Een schade waarvan zelfs de ergste terrorist slechts zou kunnen dromen, vermoedde de schrijver.

Dat Luyendijk ons wakker heeft geschud is niet alleen te danken aan zijn vakmanschap als auteur, waarbij hij precies díe vragen stelt die het grote publiek interesseren. Zoals: hoe kunnen bankiers ermee leven dat ze na gered te zijn met ons geld nu weer volop bonussen uitdelen aan elkaar (antwoord: een schaamteloze, a-morele cultuur). Nee, het is ook zijn vermogen als mediageniek verteller op tv. Programmamakers hoeven hem eigenlijk niets te vragen, Luyendijk praat wel. En dat doet hij in compacte, heldere zinnen. Over een systeem dat in zichzelf corrumperend is, dat drijft op perverse prikkels en geen centrale sturing kent. “Een eilandenrijk in de mist, bevolkt door huurlingen”, gebruikte Luyendijk een aansprekende metafoor.

Als kijker hoop je dat de politiek iets zal doen met zulke tv-uitzendingen. Maar aan de andere kant weet je dat dat niet zal gebeuren. En dat niet alleen doordat het juist politici zijn die massaal overstappen naar dikbetaalde bancaire functies. Nee, er is nog iets ergers en onoplosbaarders aan de hand. Luyendijk: “Landen hebben geen bank, banken hebben een land. Als landen zich, volgens de bank, niet gedragen, gaan ze gewoon naar een ander land. De financiële sector werkt internationaal, de politiek nationaal. Dat is het échte probleem.”

En zo kon het gebeuren dat ruim zes jaar na het uitbreken van de Lehman-crisis er nog steeds bitter weinig is veranderd in de financiële wereld. Zelfs een verbod op een hypotheek van 120 procent mislukte (“ING dreigde met vertrek naar het buitenland”). Maar vanuit een andere optiek is er juist veel veranderd. Luyendijk: “De bankiers weten nu dat de buitenwereld álles pikt. We komen in opstand tegen het Koningslied, maar als banken moeten worden gered met miljarden belastinggeld, zeggen we: oh ja, saai.” Een beangstigend vooruitzicht dat elk moment een nieuwe bankencrisis kan uitbreken. Bij die constatering verzucht je inderdaad: dit kan niet waar zijn.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *