Niet-rode SP’er

20141223_123058Tussen de kerstbomen en de feestelijke stoffen staat een bakfiets met een tomaat . Het is weekmarkt, dus flyertime voor de SP. Partijgetrouwen delen ‘Rooie Rotterdammers’uit, krantjes die de armoe in de stad aan de kaak stellen. ‘Er is genoeg voor iedereen!’schreeuwt de voorpagina in Telegraaf-letters. Kerst of geen kerst, het socialisme strijdt onverdroten en kloekmoedig voort.

Een van de colporteurs is een meisje in een bruine winterjas. “Hallo, ik ben Ike”, zegt ze. “Wij zijn de enige partij die hier altijd staat. De andere zie je alleen rond de verkiezingen.” Het resultaat mag er zijn: van twee naar vijf zetels in de gemeenteraad.

Marktbezoekers trekken voorbij met een zak patat van Bram Ladage. Een enkeling pakt een krantje aan, de meesten lopen door. “Misschien kunnen we voortaan beter bij de nieuwe Martkhal gaan staan, daar is meer publiek”, oppert Ike. “Kijk,  met die man dáár kunt u ook praten. Dat is Leo de Kleijn, onze fractievoorzitter.”

Hij is van middelbare leeftijd, met vriendelijke blauwe ogen. En een al even vriendelijke blauwe sjaal.  “Die heb ik van fractieleden gekregen voor mijn verjaardag”, legt de SP-voorman uit. Waarom geen rooie? “Ik ben niet zo van de rode attributen. Ik draag ook nooit SP-speldjes. Mij te carnavalesk.” Is hij wel een echte socialist? Hij was daareven ook al zo positief over de vrije ondernemers van de weekmarkt ( “Ik ben voorstander van particulier initiatief, zolang het niet ten koste gaat van de maatschappij.”) En zie, nu krijgt hij zelfs een aai van een passerende oud-fractiemedewerkster van de VVD. “Ik heb wél  gehoord dat ze geen VVD-lid meer is”, zegt De Kleijn.

Hij rolt een shaggie. Een arbeiderssigaret, dat stelt gerust. “Ik ben de zoon van een katholieke kolenboer uit Venray, en  op mijn zestiende werd ik lid van de PSP.” Een pacifist dus? “Nou, nee. Ik heb zelfs in het leger gediend. Ik ben niet principieel tegen gebruik van geweld, mits democratisch gelegitimeerd.”

Een niet-rode SP’er en ooit een gehelmde PSP’er. We moeten nu toch echt een test gaan doen. “Kent u de Internationale?”, vragen we bezorgd. “Eh, eens even kijken…  Ontwaakt, verworpenen der aarde… En nu moet ik heel diep nadenken. Ja, dat komt zo: wij zingen dat lied zelden bij de SP. Bij ons spelen altijd bands. De Internationale is meer iets voor de PvdA. Maar ja, daar betekent het niks, want dat is dé regentenpartij.”

Ike komt erbij staan. Ook zij kent alleen de eerste zin. Een derde SP’er voegt zich bij ons. Het is een oudere heer, met een waardig voorkomen. Een dominee, zo blijkt, Bob ter Haar. Hij zingt: “Mensen, noem elkaar geen mietje. Eenmaal zing je allemaal het ouwe liedje.” Maar, dat is toch een heel ander vers? “Rustig maar”, beduidt de emeritus-predikant, “ik moet even oefenen.” Na een korte stilte komt het: “Makkers, ten laatste male tot de strijd ons geschaard, en de Internationale zal morgen heersen op aard.” Zijn stem klinkt over de Binnenrotte. Wij applaudisseren eerbiedig. Het socialisme is nog lang niet dood in Rotterdam.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *