Mededogen met Nixon

Het boek ‘Zoeklicht op het gazon’ begint met een ‘dienstmededeling’: dit is een roman – met de feiten is geknoeid. Toch, als je het psychologische portret van Richard Nixon leest, herken je veel van wat er over de Amerikaanse president in ons collectieve geheugen staat gegrift. Dat hij getormenteerd was, vervuld van haat, maar ook intelligent, belezen en soms zelfs geniaal.
Auke Hulst

Ik las het nieuwste boek van Auke Hulst donderdag in één adem uit, en ging ’s avonds naar een door het Rotterdamsch Leeskabinet georganiseerd interview met de auteur. Vooraf sprak ik een momentje met Hulst en zei dat ik bijna medelijden had gekregen met Nixon doordat hij iedereen haatte: zijn vader, Kennedy, de elite, maar vooral zichzelf. “Haal dat ‘bijna’ maar weg”, reageerde de schrijver. “Nixon was een man om mededogen mee te hebben, omdat hij in zichzelf opgesloten zat.”

In zijn roman weet Hulst, dankzij een rijkdom aan bronnen, toegang te krijgen tot het gekwelde brein van de oud-president, en wel zo overtuigend dat de lezer zich makkelijk laat meesleuren. “A very educated guess”, zo omschreef de auteur zelf zijn vermenging van feiten en fictie. Belangrijk waren de Watergate-transcripties. “Daardoor kreeg ik een beeld van hoe Nixon sprak”, vertelde hij interviewer Berrie Vugts. “Nixon schold en vloekte veel en gebruikte daarnaast een overdaad aan stopwoorden. Vaak in omgekeerde volgorde. Hij zei niet: enzovoort, enzoverder, maar precies andersom.”

Literatuurwetenschapper Vugts kwam met vragen die ook een journalist zou stellen, zoals: wat is je fascinatie voor Nixon? “Nixon was een a-typische Republikein”, antwoordde Hulst, “uit een arm gezin op het Californische platteland. In Washington, met zijn chique families, waar iedereen Harvard of Yale achter de rug had, voelde hij zich een buitenstaander. Dat van kindsbeen af niet gezien zijn en de daaraan verbonden kleinheid herken ik als jongen die opgroeide in het aardbevingsgebied Groningen.” Hulst zou er later meer over vertellen. Dat hij een zware jeugd achter de rug had met een vroeg overleden vader, en een moeder met een persoonlijkheidsstoornis.

Maar eerst ging hij nader in op de psyche van zijn hoofdpersoon. “Omdat Nixon niet wilde worden als zijn vader, een tiranniek man, die een kruidenierswinkel dreef waar klanten uit angst wegbleven, cultiveerde hij een enorme controledrift. Om dat bestaan vol te houden, moest Nixon af en toe uitbreken. In deel één van mijn boek  gaat hij midden in de nacht met zijn bediende naar het Lincoln Memorial, in deel twee, tijdens verkiezingsdag 1960, naar Mexico. Hij was de hele dag zoek. Niemand wist waar hij uithing.”

In deel drie ten slotte vindt de ontknoping plaats: het aftreden vanwege de Watergate-affaire. De dag erna hield Nixon een speech voor zijn staf, die, volgens Hulst, tot een van de briljantste van zijn loopbaan moet worden gerekend. “En onthou altijd dat anderen je kunnen haten, maar dat zij niet winnen tot jij hen haat, en dan vernietig je jezelf”, citeerde de schrijver Nixon. “Een verpletterend tragisch zelfinzicht”, concludeerde Hulst.

Waarna Vugts afsloot met een paukenslag: Waarom gaat dit boek over jou? “Omdat”, antwoordde Hulst, “ ik in mezelf destructieve krachten ontwaar, die ik moet bezweren. In dat opzicht ben ik net  als Nixon.”

‘Anderen kunnen je haten, maar ze kunnen niet winnen tot jij hen haat’

https://www.trouw.nl/home/nixon-zat-zo-in-zichzelf-opgesloten-dat-je-medelijden-met-hem-krijgt~a095df5f/

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *