Het fiasco van peilingen: niemand wil rechts zijn

Kiezers geven liever niet toe dat ze op een rechtse kandidaat stemmen. Opiniepeilingen zijn daardoor volstrekt onbetrouwbaar en kunnen derhalve het best met een grote zwaai in de prullenbak worden gegooid. Dat is de les van de Amerikaanse verkiezingen.

Tot aan de eerste uitslagen stond de overwinning van Hillary Clinton zogenaamd vast. De New York Times schatte op de dag van de verkiezingen haar kans op het presidentschap zelfs nog op 85 procent. Gaandeweg de avond bleek hoe zot die voorspelling was. Trump zwiepte zijn Democratische tegenstander ongenadig van de kaart. Voor de enorme kloof tussen voorspelling en einduitslag zijn vele verklaringen, maar één is onderbelicht gebleven: de angst van de rechtse kiezer.

Niemand geeft toe dat hij wil gaan stemmen op een man die voortdurend de voorpagina’s haalt met racistische en sekssistische uitspraken. David Lauter van The Los Angeles Times was een van de weinigen die die kiezersschaamte doorzag en de eindzege van Trump voorspelde. Al in december 2015 wees Lauter op het grote verschil tussen telefonische- en  on line-peilingen. Aan de telefoon zeiden veel minder mensen op Trump te willen stemmen dan via de veilige, want anonieme online-enquêtes. Pas in het stemhokje, met God als enige getuige, durfden kiezers Trump openlijk hun liefde te verklaren.

Het doet denken aan najaar 1980 toen Reagan en Carter tegen elkaar in het strijdperk traden. Op 26 oktober, slechts negen dagen voor de verkiezingen, stond Carter, volgens Gallup, nog steeds acht procentpunten voor op Reagan (47 tegen 39 procent).  De Republikeinse kandidaat was tot dan toe vooral in het nieuws geweest als gevaarlijk-gekke, triggerhappy b-acteur. Pas na het tv-debat op 28 oktober verschoven de cijfers langzamerhand richting Reagan. Hij was in de ogen van de kijker een veel betere debater dan de zittende, Democratische president. De schaamte voorbij gaven de kiezers Reagan op 4 november 1980 een landslide overwinning.

Van recentere datum is het natte vingerwerk rond de Engelse verkiezingen in mei vorig jaar. Er zou een nek-aan-nek-race plaatsvinden tussen Tories en Labour, wisten de onderzoekbureaus. RTL-nieuwslezer Rick Nieman voorspelde op de verkiezingsavond zelfs het vertrek van premier Cameron. Hij zou plaats moeten gaan maken voor Labourleider Miliband. Einde van het liedje: de Conservatieven wonnen 24 zetels en Labour verloor er 26. De Tories konden rustig in hun eentje doorregeren.

Radio EenVandaag verklaarde twee dagen later het verschil tussen peilingen en uitkomst uit een zogeheten Torie-shyness. Mensen durfden aan onderzoeksbureaus niet te vertellen dat ze op de Conservatieve Partij zouden gaan stemmen.

Wat gaan we in Nederland meemaken rond de Kamerverkiezingen van 2017? De kans is groot dat de scores voor Geert Wilders in de peilingen veel lager zullen zijn dan bij de uitslagen. De rechtse kiezer schaamt zich. Niemand stemt PVV. De media zouden er daarom wijs aan doen de peilingen volledig te negeren. Het is gekoekeloer in een glazen bol.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *