Elke bui vertelt haar eigen verhaal

Regen teisterde zondagochtend Rotterdam. Niet zomaar een poëtisch zomerbuitje. Slagregens waren het, die zich als laserstralen de grond in boorden. ‘Banen onbespeelbaar’, appte een tennismaatje. Geen wedstrijdje dus, deze morgen.

Maar gelukkig, er was een goed alternatief : de Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung. Ook Duitsland had in juli te lijden onder noodweer. Maar het kan altijd erger, zo probeerde het dagblad zijn lezers te troosten. Op de achterpagina een interview met Marte Mjøs Persen, burgemeester van Bergen, de regenachtigste stad van Europa.

Bergen ligt direct aan de Atlantische Oceaan, waar regenwolken vlot gedijen. Vaak blijven ze hangen boven het gebergte en teisteren ze de Noorse stad. Maar zo bont als afgelopen juni had Bergen het in 65 jaar niet meegemaakt. Niettemin behouden de inwoners, volgens Persen, hun zonnige humeur: “Om te overleven verheugen we ons op elk nieuwe regenrecord”, vertelt ze vrolijk. “In ons dialect hebben we nu een half dozijn synoniemen voor het woord regen, afhankelijk van de sterkte van de bui.”

Bij vraag vijf begint de burgemeester zowaar te zingen: “I’m singing in the rain, just singing in the rain, what a glorious feeling, I’m happy again.” Ach, regen heeft Bergen zoveel te bieden, vindt Persen (foto). Heerlijk wandelen in regenjas en rubberlaarzen (geen plu, want die waait er weg), je verheugend je op een warme kop chocolade of thee. En kijk eens naar de Noorse vissers, ze zijn dol op hemelwater, want dan bijten de vissen beter. Nog een voordeel: een Bergenaar stelt nooit iets uit, want morgen kan het hozen.

Een hartelijk interview. Het is de informele stijl die je vaker ziet bij Scandinavische gezagsdragers. De burgemeester beschrijft zelfs de kleuren van haar regenjack: rood en roze. Felle kleuren houden, naar haar smaak, de moed erin. Daarom telt Bergen ook zoveel fleurig geverfde huizen.

Al lezende gingen mijn gedachten terug naar vorige week, toen ik ‘L’Assommoir’ opensloeg van Émile Zola. In die roman wordt een verschrikkelijke regenbui in Parijs beschreven. Slachtoffer is een groep chagrijnige bruiloftsgasten, die na de lunch de straat op wil om de tijd tot het diner te overbruggen. Maar het noodweer houdt het gezelschap vast in het wijnhuis. Beeldend schildert Zola het onheil: “De mannen stonden voor de deur en keken naar de grijze nevel van de stortbui, de overlopende goten, het water dat als stof uit de klotsende plassen opsloeg. De vrouwen hielden verschrikt de handen voor de ogen. Men sprak niet meer.”

Maar men zeurde wel: iedereen had het onweer toch kunnen zien aankomen, waarom was de bruiloft niet uitgesteld, ze konden toch niet eeuwig in het wijnhuis blijven, enz. Misschien heel herkenbaar. Enfin, men wil niet langer wachten en gaat toch naar buiten, op weg naar het Louvre. “Het begon weer te stortregenen”, vervolgt Zola, “en onder de jammerlijke regenschermen die de mannen lieten balanceren, namen de vrouwen hun japonnen op, en het gezelschap liep in de modder, de gehele straat beslaand, van het ene trottoir tot het andere.”

Zo blijkt, het zijn geen optimistische Bergenaren, die Parijse bruiloftsgasten. Maar waarin ze overeenkomen met de Noren en ieder ander ‘regenslachtoffer’: uiteindelijk ga je naar buiten. Waar elke bui haar eigen verhaal vertelt.

In de regenachtigste stad van Europa zingen ze in de regen

https://www.trouw.nl/home/elke-bui-haar-eigen-verhaal~ac8d305c/

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *