Een veilige plek voor roze christenen

Kun je homo zijn of transgender op een orthodox-protestantse school? Ja hoor, uitstekend, zegt de Gereformeerde Scholengemeenschap Randstad (GSR). Sterker, de schoolleider zelf is homo.

Toen hij dertien was maakte zijn cijferlijst een flinke duik. Gevolg was dat hij niet naar het VWO ging, zoals gepland, maar naar de MAVO. Achteraf vermoedt Erik Harinck (56) dat de slechte resultaten hadden te maken de ontdekking dat hij homo was. “Ik kon me niet meer goed concentreren, en dacht alleen maar: wat moet ik aan met mijn geaardheid?”

Op zijn school, de GSR in Rotterdam, kon hij in die tijd niet uit de kast komen. “Op vakantie met mijn beste vriendje, dat ging prima, maar zeggen ‘ik vind je leuk’, nee. Het bleef bij snakken naar.”

Nu is Harinck op diezelfde GSR al weer jaren schoolleider. Illustratief voor de ontwikkeling die de school doorliep. Op coming out dag, 11 oktober, luidde de GSR-tweet: ‘Je mag hier zijn wie je bent: hetero, homo, lesbisch of transgender.’

Die openheid is hand-in-hand gegaan met een bredere instroom. Gesticht in 1958 als een school puur voor en van gereformeerd-vrijgemaakten, raakte de GSR in de jaren negentig ontzuild. Nu noemt ze zich een ‘school voor en door christenen.’ Vrijgemaakte leerlingen maken nog de helft van het bestand uit, de rest bestaat uit andere orthodoxe denominaties: christelijk-gereformeerd, Nederlands gereformeerd, evangelisch, en delen van de PKN.

Rector Kees Klapwijk (58), zelf vrijgemaakt, vertelt dat in de schoolachterban wisselend wordt gedacht over de acceptatie van homoseksualiteit, maar waar geen meningsverschil over bestaat: iedere leerling moet zich veilig voelen. “Dat is hier ontzettend belangrijk.”

Harinck: “Elke keldering in een cijferlijst wordt nu opgemerkt.” Klapwijk: “En homoseksualiteit is daarbij geen taboe meer.” Harinck fungeert vaak nog als rolmodel: “Mentoren vragen aan mij: wat denk je van die en die, hij is zo somber. Leraren gaan ook zelf het gesprek met de leerling aan als ze vermoeden dat hij in de knoop zit met bijvoorbeeld z’n geaardheid.”

Uit een onderzoek uit 2015 van het Sociaal Cultureel Planbureau bleek dat homoseksuele- en transgenderjongeren vaker depressief en aan de drugs zijn. Het percentage suïcidepogingen ligt vijfmaal hoger dan onder heteroseksuele jongeren. Hoe is dat op de GSR? Harinck: “Ik vermoed dat ook op onze school depressieve homo-jongeren rondlopen.” Klapwijk: “Ik zou het echt heel erg vinden als ze aan zelfmoord dachten.”

Om de veiligheid nog te vergroten doet de GSR enthousiast mee aan de verplichte voorlichting over homoseksualiteit. Christelijke homo’s komen in de klas om hun levensverhaal te vertellen. Harinck: “Het gaat daarbij om kennismaking met een mens die homo is. Op dat moment veel interessanter dan wat de Bijbel over homo’s zou zeggen. Overigens geloof ik zelf niet in anti-homoteksten. Sodom en Gomorra veroordeelt een groepsverkrachting, niet de liefde tussen twee mannen.”

Toch lopen er op de GSR – 1050 leerlingen – nog altijd jongeren rond die zich de enige homo voelen, zoals Floris (zie elders op deze pagina). Klapwijk: “Ik wens elk kind toe dat hij zich niet eenzaam voelt.”Harinck: “Misschien zou het goed zijn om hier groepjes te vormen van homo’s, lesbo’s en transgenders.”

Van vrijgemaakt naar transseksueel

Ze zijn jong, gereformeerd-vrijgemaakt opgevoed en trans- of homoseksueel. Hoe Tampie, Leon en Floris, drie (oud-) leerlingen van de Gereformeerde Scholengemeenschap Randstad (GSR), het orthodoxe protestantisme een ander gezicht geven.

Tampie
Foto's Jörgen Caris
Foto’s Jörgen Caris

Tampie Guijt (18) heette vroeger Tamara. Tussen die twee namen lag een lange weg. “Toen ik vier was wist ik dat ik een jongen wilde zijn. Op mijn vijftiende trok ik definitief de conclusie: ik ben geen vrouw. Maar op mijn zestiende formuleerde ik het positief: ik ben een man.”

Tampie heeft een jongenskapsel en op zijn kin groeien vlashaartjes. Dat laatste is het resultaat van de testosteron-injecties die hij sinds drie maanden krijgt. Een borstverwijdering zal volgen. Over een geslachtsoperatie denkt Tampie na.

Op de GSR in Rotterdam kreeg hij alle steun. De leraren en leerlingen noemden hem al snel Tampie, en van nare reacties was nauwelijks sprake. Tampies gereformeerd-vrijgemaakte ouders hadden het er wel moeilijk mee. “Dat komt deels door het geloof, maar ook door gebrek aan kennis. Nu ze er meer van weten, geloof ik dat ze mijn weg beter kunnen begrijpen. Mijn ouders hebben in het kerkblad van Katwijk een bericht geplaatst dat ik transgender ben. Daar zijn positieve reacties op gekomen.”

Zelf heeft Tampie de kerk de rug toegekeerd. Niet zozeer vanwege zijn transseksualiteit, maar omdat hij niet gelooft dat het christendom beter is dan andere godsdiensten.

Het ging een tijdlang niet goed met hem: depressies, eenzaamheid en suïcidale gedachten. “Anderhalf jaar geleden heb ik in één week drie zelfmoordpogingen gedaan. Eerst wilde ik me verdrinken op het strand van Katwijk, daarna kocht ik een fles schoonmaakmiddel en tot slot heb ik het met een touw geprobeerd. Maar geen van de drie pogingen heb ik doorgezet.”

Sinds Tampie zich man noemt, voelt hij zich gelukkiger en zijn de zelfmoordgedachten weg. “Het heeft ook geholpen dat ik een zaterdagbaantje kreeg op de markt. In die sfeer voel ik me thuis.”

Tampie is na het VWO moleculaire levenswetenschappen gaan studeren in Nijmegen. Zijn toekomstige partner kan een man zijn of een vrouw. “Ik zie wel.”

Leon

leon

Leon Kleinjan (17) heeft een zware stem en een snorretje. Geen enkel uiterlijk teken wijst erop dat hij vroeger een meisje was. Ook zijn beroepskeuze niet: “Ik word timmerman.” Op zijn identiteitsbewijs staat sinds zijn zestiende: man.

Op het hout- en meubelcollege weet niemand dat hij ooit Lisanne heette. “Na dit artikel misschien wel. Maar ik verwacht geen problemen. Zelf doe ik er nooit moeilijk over, dus waarom zou een ander dat wel doen?”

Al vanaf zijn vierde wilde hij geen meisjeskleding meer. Langzaam lieten zijn ouders hem toegroeien naar een jongensoutfit en -kapsel. “Mijn vader en moeder hadden er geen moeite mee. Ze zagen hoe blij ik werd door jongenskleding te dragen en vanaf mijn elfde mijn naam te veranderen in Leon.”

Thuis waren ze eerst gereformeerd-vrijgemaakt, nu evangelisch. “Een vrolijke, gezellige kerk, waar ik me thuis voel”, zegt Leon. Toch, het zijn orthodoxe kerkgenootschappen, waar de Bijbel niet zelden letterlijk wordt genomen, inclusief de anti-homoteksten. “Dat zou kunnen”, antwoordt Leon. “Zelf heb ik nooit veel over die teksten nagedacht. God heeft ieder mens lief, en verder: wat kan ik er aan doen dat ik transgender ben? Ik denk dat God naast mij staat, omdat het proces zo gelukkig en soepel is verlopen. Ja, ik was jong toen ik wist wat ik wilde, maar van verwarring, waarover ze het in het ziekenhuis aanvankelijk hadden, is bij mij nooit sprake geweest. ”

Op zijn achttiende wordt een geslachtsoperatie mogelijk. Daar is Leon nog niet uit. Wel wil hij zijn baarmoeder en eierstokken laten verwijderen.

Aan zijn VMBO-tijd op de GSR bewaart hij goede herinneringen. “Op mijn dertiende vertelde ik het in de klas, en daar is het ‘t hele jaar gebleven. Alsof ze me wilden beschermen, mooi hè? Kees Klapwijk, de rector, zei: als er moeilijkheden zijn, weet je me te vinden. Maar dat is nooit nodig geweest.”

Leon heeft een paar keer een vriendin gehad, maar de ware zat er nog niet tussen.

Floris

floris

Floris Wattel (17)zat in de vierde van de HAVO toen hij het, na een depressieve periode, aan zijn moeder vertelde. “Ik dacht: ik zeg het in de auto. Dan kan ze niet boos worden, want ze moet op de weg letten.”

“Ze vond het moeilijk te accepteren, maar steunde me wel. Ze vertelde het door aan mijn vader en broer en zussen. En zei: houd het op school maar stil.”Dat deed Floris, maar hij zette zijn coming out wel op zijn Instagram-pagina. Een dag later wist de hele GSR het. “Dat vond ik leuk, want ik sta graag in de belangstelling. Ik ken op school nog steeds geen andere homo’s. Ja, dat is gek. Gevolg is wel dat Ik doorga voor dé school-homo.”

De HAVO 5-leerling gaat elke zondag met zijn ouders naar de gereformeerd-vrijgemaakte kerk in Zwijndrecht. Religieuze problemen heeft hij niet. “God heeft me echt niet op de wereld gezet om me daarna naar de hel te sturen. Hij geeft iedereen een kans. Die Oudtestamentische teksten kun je, volgens een godsdienstleraar op de GSR, in deze tijd niet meer letterlijk toepassen.”

Hij gaat dit jaar belijdenis doen en weet zeker dat hij aan het Heilig Avondmaal mag. “We hebben eerder een man gehad met een vriend en die mocht ook, dus…”

Floris weet wat hij wil worden: acteur, zanger of ‘iets in de mode’.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *