‘Ach, Finsterwolde, onnoemlijk mooi’

Eigen Kracht Coördinator Jan Drewes (l) met Marcel op pad in Finsterwolde.
Eigen Kracht Coördinator Jan Drewes (l) met Marcel op pad in Finsterwolde.

Af en toe had ik het idee dat ik naar ‘Van Kooten en De Bie’keek. Of naar ‘Jiskefet’. Of ‘Koefnoen’. Maar het was toch echt een documentaire: ‘De brief van de burgemeester’(NCRV). Burgemeester Pieter Smit schrijft de bewoners van de Middenweg in Finsterwolde: “Wij willen u een Eigen Kracht Conferentie aanbieden om uw problemen op te lossen. Een Eigen Kracht Coördinator zal huis-aan-huis aanbellen.”

En kijk, daar loopt de Eigen Kracht Coördinator al rond: Jan Drewes. “Hoe kijkt u tegen die brief aan?”, begint hij voorzichtig. “Nou”, zegt een inwoonster met zwart haar, “ik begrijp niet waar die over gaat. Ik woon hier prettig.” Drewes: “Is iedereen hier erg op zichzelf?” Vrouw: “We groeten elkaar wel, behalve nummer elf.”De Eigen Kracht Coördinator voelt nu dat hij beet heeft, en pakt door: “Niemand groet nummer elf?”Vrouw: “Klopt, ze hebben zich helemaal afgezonderd.” Een andere vrouw: “Er hangen daar camera’s. Je wordt constant in de gaten gehouden.”

Ziezo, probleem in kaart gebracht. Maar er is meer. “Op nummer acht woont iemand die nooit opendoet”, zegt de zwartharige vrouw. De EKC neemt subiet de proef op de som. De deur blijft inderdaad dicht. Hoog tijd om te rapporteren aan de burgemeester. “Herkent men wat ik in mijn brief heb geschreven?”, vraagt die. “Nou”, aarzelt de EKC, “er is geen algemeen gevoel van onveiligheid. Er is wel zorg om nummer acht.”

Goed moment voor een vergadering. De EKC krijgt nu steun van zorgcoördinator Adrie de Wit. Die meteen een peptalk afsteekt. “Mensen, hou nog even vol. Er is een plan in de maak.”En die camera’s van nummer elf?”, wil een jonge bewoner weten (‘ze kiek’n direct op mien toen’). Een politieman biedt ‘een stukje bemiddeling’aan. Aan het eind van de meeting krijgen de bewoners een bittere pil te slikken. De EKC staat op en zegt: “Mijn werk zit er op. Ik wens jullie het allerbeste.” Eenmaal thuis concluderen drie buurvrouwen rond de keukentafel: “Zonder aanleiding komt ‘ie langs. En dan is ‘ie ineens klaar. Heel raar.”

Volgende vergadering. Nu met woningcorporatie Acantus. Directeur Harry Kremer heeft een verblijdende mededeling: “Er komt een buurtconciërge in Finsterwolde.” Marcel, de enige niet-anonieme bewoner in de documentaire, klaagt: “Ik huur zogenaamd een doorstroomwoning, maar ik woon er al sinds 2007. Nou, dat is volgens mij geen doorstroming meer.” Weer een bijeenkomst. Nu voor het eerst met de burgemeester. Acantus-manager Anja Kluiter vertelt dat nummer acht nog niet is bezocht. “Ik ga uitzoeken hoe dat kan.”

Zelden zulke mooie en hilarische reality gezien. De onmacht en stroperigheid van een goedbedoelend en misschien overbezorgd ambtelijk apparaat versus flegmatieke bewoners die verdraaid moeilijk bij hun eigen kracht komen. Wat uiteindelijk toch lukt. Buurvrouw: “Zal ik je coniferen omzagen en afvoeren?” Buurman: “Geen slecht plan”.

En dat alles gedrenkt in dat gelaten Oost-Groningse dialect, Ede Staal-achtige melancholie (‘ach Finsterwolde’, zingt Arnold Veeman, ‘onnoemlijk mooi’) en weemoedig stemmende sfeerbeelden van drugsverslaafde Marcel die met zijn hond door druilerig Oldambt wandelt. Een pluim voor maakster Marlou van den Berge. Ze staat overduidelijk in haar eigen kracht!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *