Monthly Archives: April 2019

En Judas hapte in een appeltje

De ontvangst was in restaurant Merz in Dordrecht. De EO en KRONCRV hadden de lunch al klaargezet. Terwijl het journaille langzaam binnendruppelde werd Jezus geschminkt in een hoekje van de bar. Communicatiedames leidden alles in de juiste banen. “Komt u nog even mee?”, zeiden ze. En: “Het fotomoment is straks.” Of: “Eerst de camerateams, vervolgens de geschreven pers.” Kijk, zo wist je je plaats weer.

Continue reading En Judas hapte in een appeltje

Een propere mand wasgoed

Pas zag ik op de Vlaamse tv een programma over morele druk. ‘Nachtwacht’ heette het, en de stelling luidde: we moeten stoppen met ons schuldig te voelen over vliegen, vlees eten, borrelen en goedkope t-shirts, want het helpt allemaal toch niets. Uiteraard zat er een voorstander van dat standpunt in de studio en een tegenstander, alsmede iemand die de rol van de media belichtte.

Continue reading Een propere mand wasgoed

De dood is een feestje geworden

In De Telegraaf stond een artikel ‘Met knipoog de kist in’. Het handelde over de cultuuromslag in rouwadvertenties: van het vroegere ‘met verdriet en verslagenheid’ tot het huidige ‘niet treuren, ik heb geleefd.’ Overledenen laten complete lijsten met culinaire tips achter: ‘Ga naar Bar Pulpo en Dennis Frietpaleis.’ Of ze blikken vergenoegd terug op hun laatste reis naar Zuid-Afrika.

Continue reading De dood is een feestje geworden

Iedereen wil wel eens juf Ank zijn

Ik zal haar gaan missen: juf Ank. Juf Helma ook wel, maar juf Ank toch nog meer. Wat een fenomenale vrouw. Kordaat, voor niemand bang en pijnlijk oprecht. Haar taalgebruik is uitgebeend, geen woord te veel. “Een school zo ver mogelijk uit de buurt van haar familie”, is Anks radicale advies als vader Karel een vervolgopleiding zoekt voor zijn dochter. Het mooie is: juf Ank heeft bijna altijd gelijk. Daarom vergeef je haar alles: haar felle toon, haar kribbigheid.

Continue reading Iedereen wil wel eens juf Ank zijn

Judas Iskariot

Geen mooiere tijd dan de lijdenstijd, want je kunt ongelimiteerd stukken uit de Matthäus Passion draaien. Gisterochtend beluisterde ik het deel waarin Judas Jezus verraadt met een kus, en waarbij de laatste zegt: “Vriend, waartoe zijt gij gekomen?” Wat een minzame, bijna kinderlijk-naïeve vraag eigenlijk voor iemand die weet wat er op komst is. In ‘Sind Blitze, sind Donner’ is het dreigende gestamp van de soldatenlaars reeds hoorbaar.

Continue reading Judas Iskariot

Geloven in Bach

Vroeger, toen ‘iedereen’ nog geloofde, was de Matthäus Passion het domein van christenen. Ten minste, voorzover het oratorium werd opgevoerd, wat zelden het geval was. Nu ‘niemand’ meer gelooft, lijkt er geen dorp meer te bestaan dat het lijdensverhaal van Jezus niet op de planken brengt. Een interessante paradox, waaruit je zou kunnen concluderen dat Bachs meesterwerk blijkbaar tijdloos is: het heeft iedereen iets te zeggen. Met andere woorden: de Matthäus is van ons allemaal geworden.

Continue reading Geloven in Bach

Bachs emoties

In 1987 ging ik voor het eerst naar de Matthäus Passion. Het werd een muzikale ervaring die ik vóór die tijd nooit had beleefd, en daarna ook nooit meer zóu beleven. Direct al bij het openingskoor ‘Kommt ihr Töchter, helft mir klagen’ werd ik uit mijn stoel geblazen. Alsof je buiten de tijd werd geplaatst in een vacuüm van eeuwigheid. De hemel opende zich, engelen daalden neder. Ik wist niet wat me overkwam.

Continue reading Bachs emoties