Monthly Archives: February 2015

Vanaf heden ben ik pro-Eva Jinek

Ladingen kritiek op Eva Jinek, vooral van uitgerangeerde media-sterren
Ladingen kritiek op Eva Jinek, vooral van uitgerangeerde media-sterren.

Goed om te beseffen dat je als recensent soms anders naar programma’s kijkt dan niet-journalisten. Vond ik de gesprekken in ‘Jinek’- vanavond voorlopig voor het laatst op tv – soms te wijdlopig en de onderwerpen te dunnetjes, in mijn omgeving hoor ik juist dat het een verademing was dat Jinek haar gasten zo lang liet uitpraten. En ik kan me ook voorstellen dat veel kijkers het prettig vonden om tegen bedtijd eens Katja Schuurman te zien of Jennifer Hoffman in plaats van Ronald Plasterk of Theodor Holman.

Continue reading Vanaf heden ben ik pro-Eva Jinek

Anita Witzier heeft de juiste toon te pakken

Ontroerend tafereel: patiënt Jur zingt een liedje voor Anita Witzier.
Ontroerend tafereel: patiënt Jur zingt een liedje voor Anita Witzier.

De provincie, u weet wel dat orgaan dat zich ’s winters buigt over het pekelen van wegen en zomers over schoon zwemwater in sloot en plas, dat orgaan dus, stond maandag centraal in ‘Nieuwsuur’.  De Statenverkiezingen komen er aan, zoals ieder al vermoedde, ‘dus’trommelde ‘Nieuwsuur’ de voorzitters van de Senaatsfracties op voor een debat. Logisch toch? Het ging over terrorismebestrijding. Hoe toepasselijk voor een pekel- en schoon zwemwaterinstelling!

Er kwam een mevrouw in beeld in een hoog dichtgeknoopt, streng mantelpak. Ze leek een Heilssoldate, maar zodra ze haar mond opendeed wist je dat dat niet kon kloppen. “Nederland moet DE-ISLAMISEREN!”, riep ze.  Mijn gedachten dwaalden af naar het recente islam-vierluik van Thomas Erdbrink. Had ik al gezegd dat ‘Onze man in Teheran’ een heel boeiende, onthullende en geestige VPRO-reeks was? Bij deze dan.

Des te moeilijker voor volgende VPRO-reisseries om Erdbrink te evenaren. De ‘vrijzinnige’neemt nu Groot-Brittannië onder de loep, en that’s different cook. Tot dusver kun je het, in tegenstelling tot Erdbrinks reportages, nauwelijks een journalistieke reeks noemen. Het is activisme. In deel één zagen we Ken Livingstone, oud-burgemeester van Londen. Als Labourman strijdt hij voor goed openbaar vervoer en betaalbare huurwoningen, en tegen de Tories. Een gemoedelijk, volks type, maar als kijker kreeg je toch zeer sterk het gevoel dat je naar een politiek pamflet zat te staren.

Ook in deel twee was dat het geval, toen actrice Cora Bissett ons meenam in haar strijd voor een onafhankelijk Schotland. Deze zondag is het de beurt aan advocaat Clive Stafford-Smith, die vecht voor behoud van het Britse platteland. Allemaal nobel en begrijpelijk, maar Marlou van den Berge en Djoeke Veeninga, de makers, geven de activisten te veel de vrije hand. Een puur journalistieke insteek had ‘Het Groot-Brittannië van’toch wat meer kleur en breedte gegeven. Laat onverlet dat de VPRO een van de weinige omroepen is die met enige regelmaat over onze landsgrens kijkt.

Een nieuwe wereld tovert Anita Witzier voor ons tevoorschijn. Ze logeerde in twee psychiatrische klinieken en doet daarvan verslag in ‘Anita wordt opgenomen’(KRO). In het doel van deze serie – het taboe op psychiatrie doorbreken – geloof ik niet zo. Dat ‘het ons allemaal kan overkomen’, een frase die tot vervelens toe wordt herhaald, weet toch elk normaal mens? En lieden die psychiatrische patiënten bewust willen discrimineren, zul je met zo’n serie niet bekeren.

Nee, veel interessanter dan die taboedoorbrekerij is dat we voor het eerst een inkijkje krijgen in het brein van geesteszieken. Een alledaags uitziende vrouw zit te puzzelen. Witzier knoopt een gesprekje met haar aan, dat halverwege een heel vreemde wending neemt . Je ziet langzaam de verbijstering op Witziers gezicht toenemen.

Tot nu toe komt de persoonlijke achtergrond van patiënten te weinig aan bod. En over wat ze wél vertellen vraag je je soms af of het echt is of psychotisch. Neemt niet weg dat het een mooie serie is. Witzier is geen medisch geschoold ondervraagster, maar one of the guys. Ze leeft met hen en haar toon is licht. Dat maakt deze reeks zo gewoon en tegelijkertijd zo bijzonder en intiem.

Bij RTL zie je heftiger rellen dan bij de NOS

Beelden van de Rome-rellen die 'RTL Nieuws'wél liet zien en het 'Journaal'niet.
Beelden van de Rome-rellen die ‘RTL Nieuws’wél liet zien en het ‘Journaal’niet.

Veel fiducie had ik niet in ‘Hier zijn de Van Rossems’(NTR).  Immers, wat moet je met drie Van Rossems als je aan eentje (Maarten) je handen al vol hebt? Maar, ik heb me vergist: het valt reuze mee met Vincent en Sis er bij. Het lijkt er zelfs op dat Maarten een beetje opknapt in het gezelschap van zijn broer en zus. Wellicht komt dat doordat ze elkaar zelden zien, zoals Sis in ‘DWDD’vertelde. Een soort familiereünie dus. Maar het draait natuurlijk allereerst om de stedentrips.

Daarmee gaat het steeds beter. Leunde de serie in het begin te veel op de voice over van Filip Freriks, nu, halverwege, komen de Van Rossems zelf beter uit de verf. Het aardige is dat ieder de bezochte stad vanuit zijn eigen perspectief belicht: Maarten als historicus, Vincent als architectuurhistoricus en Sis als kunsthistorica (tenminste, als ze niet ergens op een bankje zit te paffen).

Vrijdag bijvoorbeeld in Brugge. Vincent had het over de historicerende nieuwbouw, Sis over een reliekschrijn van de heilige Ursula en Maarten, nou ja, die foeterde vooral op de veelvuldig  voorbijtrekkende koetsjes (‘donder op!’). Toch trapt dit programma niet in de levensgrote valkuil van ‘wij zijn de Van Rossems, dús we moeten mopperen’. Daardoor mag je het gerust de eerste real life soap van en voor hoger opgeleiden noemen.

Dat van die verschillende perspectieven geldt natuurlijk net zo goed voor het nieuws. Keek je dit  weekend naar het ‘Journaal’dan kreeg je een veel minder heftige indruk van de voetbalrellen in Rome dan bij ‘RTL Nieuws’. Het begon al op donderdag. Het ‘Journaal’toonde nauwelijks bewegend beeld van de rellen zelf. We zagen een foto. Verder een shot van een Feyenoord-hooligan, die wat onhandig aan een hek stond te frunniken, alsof het paardenmarkt was tegen sluitingstijd. De politie was hard opgetreden, hoorden we.

Het commentaar van Rome-correspondent Rop Zoutberg was al net zo curieus. Eerst begon hij  over de tussenstand AS Roma-Feyenoord en daarna pas over het oproer. “De Feyenoord-supporters werden verwezen naar het Campo de’ Fiori, en wisten absoluut niet wat ze daar moesten”, was zijn cryptisch-relativerende  verklaring voor het vernielen van onder meer de pas gerestaureerde fontein van Bernini.

‘RTL Nieuws’kwam met een plausibeler uitleg: een cocktail van drank en drugs. We zagen angstaanjagende beelden van hoe de ME werd belaagd.  Een slagveld: rookpluimen, schoten, sirenes, gejoel, passanten in shock. Nieuwslezer Roelof Hemmen sprak vrijdag over barbarij. Woedende Italianen kwamen in beeld. “Ik zou die supporters een harde klap willen geven”, sprak een oude Romeinse. Premier Matteo Renzi eiste excuses van Feyenoord.

Bij het ‘Journaal’geen boze burgers. Wel Feyenoord-fans die de media de schuld gaven van de ophef. “Het was zoiets als Koninginnedag in Nederland. Meer niet”, zei een meisje. Een jongen: “Waarom melden ze niet dat zoveel Feyenoordfans hun club in Rome steunen? “ En een derde: “Ze hadden de prullenbakken in Rome op tijd moeten legen. Da’s alles” Als beeld zagen we vrijdag de Bernini-fontein met wat bierflesjes.

NOS en RTL, twee heel verschillende invalshoeken, maar ik geloof dat de tweede dichter bij de waarheid zit dan de eerste.

Paus Franciscus zinkt een troontje lager

Paus-criticus kardinaal Burke op de vlucht voor de KRO.
Paus-criticus kardinaal Burke op de vlucht voor de KRO.

Het gebeurde met Obama, en nu gebeurt het met de paus: afbladdering. Je kon het voorspellen, niemand blijft lang populair in de media. Het eerste bijterige commentaar over Franciscus I las ik enkele weken geleden op de voorpagina van de Frankfurter Allgemeine Zeitung: kinderen slaan mag van de paus, mits met mate.

In Nederland heeft ‘Brandpunt’(KRO) de afbraak-primeur. De uitzending van afgelopen dinsdag is nu al historisch en iconisch: de eerste keer dat wij Hollanders pontificaal gingen wankelen. “Lomp”, noemde Antoine Bodar, toch al niet zo’n groot Franciscus-fan, diens curietoespraak met kerst. “Als de paus volgende week sterft, zal er weinig overblijven van zijn zogenaamde revolutie”, wist Vaticaan-expert Stijn Fens. En: “Ze vinden hem een Argentijnse dictator.”

“Wie zijn z’n vijanden?”, vroeg presentator Fons de Poel zich af. Goeie vraag. Maar het antwoord bleef vaag, variërend van de maffia (door Franciscus geëxcommuniceerd) en het kalifaat tot en met de curie. De Poel probeerde wat Romeinse eminenties aan de praat te krijgen, maar helaas. De Amerikaanse kardinaal Raymond Burke – na openlijke kritiek op de kerkvorst uit de curie verdwenen – wist niet hoe snel hij zich uit de voeten moest maken voor de KRO.

Het is ‘Brandpunt’niet kwalijk te nemen, de inner circle van het Vaticaan is camera-foob . Dus ben je aangewezen op de ‘second circle’. Zoals de Italiaanse schrijver en kerkkenner Antonio Socci. “Deze paus breekt in no time af, wat de Kerk in eeuwen heeft opgebouwd. De katholieke doctrine en het christelijke volk zijn in gevaar. Ik voel me verraden.” Heldere taal, en voor het eerst dat de KRO het conservatief-katholieke geluid zo uitgebreid liet horen. De reden is duidelijk: een kardinaal krijg je niet zo ver, dan maar een über-leek.

Aan het eind van de reportage kenden we zodoende nog steeds slechts één kardinale criticus met naam en toenaam: Burke. Maar dat was geen nieuws. Het intro van De Poel was, in dat licht bezien, wel erg ronkend: “Franciscus is een ramp, de man moet weg.”  Ja, ronken kan hij. Hij zegt ook nooit simpelweg: “Dit is Brandpunt.”Nee, het is steeds: “Dit…is Brandpunt.”Dat puntje-puntje-puntje is bedoeld om ons te imponeren. Om ons het gevoel te geven dat we de verschrikkelijkste dingen gaan beleven.

Welnu, zo verschrikkelijk is ‘Brandpunt’niet. De nieuwe opzet – samengevoegd met NCRV’s ‘Altijd wat’- is eigenlijk best goed. Eén centrale presentator – De Poel dus, die als een thrilleracteur met zijn microfoon door het KRO-pand sluipt, steeds op jacht naar nieuwe… adempauzes -, een aardige vondst als ‘Beeld van de week’ (ditmaal Ben Bot over Poetin) en elke keer een interview van de ex-‘Altijd wat’-parels Frénk van der Linden of Wilfred Scholten.

Wat niet wegneemt dat we met ‘Altijd wat’iets bijzonders hebben verloren. Wars van de waan van de dag en altijd op zoek naar onderstromen en verdieping was het een NCRV-programma met een vrouwelijke touch. De KRO-rubriek is meer macho. Neem het onderdeel ‘Brandpunten’. Daarin krijgen falende gezagsdragers keiharde strafpunten. Maar ook succesrijke politici als Merkel worden beoordeeld (negen punten). Dan zeg ik op mijn beurt: Daar snap ik, puntje-puntje-puntje, geen bal van.

Droom van kalifaat sudderde al 30 jaar

De droom van een islamitische staat is niet nieuw. Al in de jaren tachtig ijverde de radicale moslim Cemalettin Kaplan voor de oprichting van een kalifaat. Dat deed hij niet vanuit zijn moederland Turkije – want dat wees hem wegens staatsgevaarlijke activiteiten uit – maar vanuit Duitsland, dat hem ruimhartig asiel verleende. Alarmerende geluiden over moslim-extremisme werden toen door de overheden weggewuifd. Op zaterdag 18 juni 1988 publiceerde ik er onderstaand verhaal over in de Haagsche Courant. Ondertussen is wat destijds ondenkbaar leek, nu, door toedoen van IS, werkelijkheid: een eigen kalifaat.

foto-bij-is

Op Tweede Kerstdag 1987 hielden 150 Turken in een Tilburgs zaaltje een opmerkelijke bijeenkomst. Het onderwerp was niets minder dan de omverwerping van de Turkse staat. Op deze donkere decemberdag, waarop de rest van Nederland aan de kerstdis zat, spraken de Turken over de ‘goddeloze’regering in hun geboorteland en het al even ‘verderfelijke’staatshoofd Evren.

Ook voor de stichter van de Turkse republiek Kemal Atatürk hadden ze geen goed woord over. Hij zat liever in de kroeg dan in de moskee. ‘Daarom is het hoog tijd dat ons vaderland weer wordt teruggebracht in het rechte islamitische spoor.’ Dat was zo ongeveer de strekking van de gloedvolle redevoering die Cemalettin Kaplan die dag hield in het katholieke zuiden.

Kaplan, door zijn aanhangers ook wel ‘hodja’(geestelijk leider) genoemd, is de grote man achter de islamitisch-fundamentalistische beweging in West-Europa. Deze organisatie van fanatieke moslim-Turken wil in Turkije een islamitische staat stichten naar Iraans voorbeeld. Vanwege zijn staatsgevaarlijke plannen werd Cemalettin Kaplan in 1981 uit zijn vaderland gezet. Hij vluchtte naar Keulen, de stad die dankzij haar grote aantal Turkse inwoners ook wel de 68-ste provincie van Turkije wordt genoemd.

Heilige oorlog

Van daaruit voert de voormalige moefti van de Zuidturkse stad Adana (in functie te vergelijken met een bisschop) een heilige oorlog tegen het regime in zijn geboorteland. In zijn propagandastrijd verspreidt de 61-jarige moslimleider nog geen geweld, maar wel boeken, geschriften, preken en videobanden onder zijn volgelingen in West-Europa. Hoe groot zijn aanhang is onder de honderdduizenden Turken die destijds als gastarbeider naar Europa trokken, is niet te zeggen. Volgens voorzichtige schattingen zou Kaplan op tien procent van de Turken kunnen rekenen.

Kaplan, die inmiddels de Duitse nationaliteit heeft gekregen, schreef alvast een grondwet naar Iraans model voor zijn ‘nieuwe’Turkije, waarvan kopieën illegaal circuleren in zijn geboorteland. Geheel volgens de fundamentalistische principes wordt het burgerlijk wetboek aan de kant geschoven en komt er een staat voor in de plaats die is gebaseerd op de meest letterlijke uitleg van de koran. Dat betekent geen gelijke rechten meer voor vrouwen, een einde aan de scheiding tussen kerk en staat, sharia-rechtspraak, Arabisch als voertaal, en fundamentalistisch onderwijs.

Einddoel

Maar Kaplans ambities gaan verder. Zijn einddoel is de oprichting van een grote  moslimwereldgemeenschap, geleid door een kalief, die zowel staatshoofd als geestelijk leider is. De (geestelijke) grenzen tussen alle islamitische broederlanden, zoals Iran, Turkije, Marokko, Afghanistan, Pakistan en Saoedi Arabië moeten uiteindelijk verdwijnen. Kaplan wordt door zijn tegenstanders absoluut niet beschouwd als een dorpsgek of hofnar waarover ze zich verder weinig zorgen hoeven te maken. De Turkse autoriteiten die als de dood zijn voor een omwenteling à la Iran, houden zijn doen en laten nauwkeurig in de gaten.

In Turkije is na de stichting van de republiek in 1923 koortsachtig getracht de rol van de islam terug te dringen tot binnen de moskeemuren. De religie mag zich op geen enkele wijze met staatszaken bemoeien, maar aan de andere kant controleert de staat via het presidium voor godsdienstzaken, dat onder meer islamitische voorgangers aanstelt en betaalt, nauwlettend het doen en laten van de gelovigen.

Maar desondanks ligt in Turkije altijd het gevaar op de loer dat islamitische fundamentalisten teveel invloed krijgen. In september 1980 hield de Nationale Heilspartij van Necmettin Erbakan een demonstratie tegen de seculiere principes van de Turkse staat. De militaire coup enkele dagen daarna wordt gezien als een rechtstreekse reactie op dit islamitische oproer. De ‘verbanning’van Kaplan enkele maanden later was een logisch vervolg op die anti-fundamentalistische staatsgreep. Het Turkse leger wilde definitief afrekenen met revolutionaire moslims en verbood daartoe onder meer de Nationale Heilspartij.

Willige prooi

Omdat het de fundamentalisten na 1980 te heet onder de voeten werd, heeft deze beweging zich in toenemende mate op West-Europa gericht. Een aantrekkelijk ‘zendingsgebied’. Niet alleen kunnen de fanatieke moslims daar dingen zeggen die in eigen land verboden zijn, bovendien hebben ze te maken met islamieten die dankzij een geloofsachterstand een willige prooi zijn. De Turken die destijds van het arme platteland als gastarbeider naar West-Europa trokken, verkeerden de eerste jaren in een religieus isolement. Er waren geen moskeeën en islamitische geestelijken. De Westeuropese Turken zijn nu bezig met een religieuze ‘inhaalmanoeuvre’en daardoor extra gevoelig voor het oplevende fundamentalisme.

Met name Nederland, waar 155.000 Turken wonen, lijkt steeds meer doelwit van de fundamentalistische beweging. In maart vorig jaar bezochten vijfduizend Turken uit Nederland, Frankrijk, België en Duitsland een moslim-congres in de Rotterdamse Doelen, waar oud-voorzitter Erbakan van de Nationale Heilspartij de belangrijkste spreker was. Erbakan is een goede bekende van Kaplan. De laatst stond in 1977 op de kandidatenlijst van Erbakans partij, maar hij werd niet in het parlement verkozen. Toen Kaplan naar Keulen uitweek kreeg hij van de moslim-politicus de opdracht meer aanhangers te werven onder de streng islamitische organisatie Milli Görüs (Nationale Opinie).

De verzamelde moslims werden tijdens het congres opgeroepen het ware geloof wereldwijd te verspreiden. Ook klonk een pleidooi voor de oprichting van islamitische scholen in Nederland. Een van de organisatoren van het congres was Muzaffer Ugur. Hij heeft het inmiddels voor elkaar dat Rotterdam half augustus de eerste islamitische basisschool van Nederland krijgt.

Onafhankelijk

Een bedenkelijke primeur, vindt de gemeente, want een aparte moslimschool belemmert de integratie van Nederlanders en migranten. Ugur houdt evenwel vol dat zijn school een doodnormale onderwijsinstelling is, waar naast het verplichte onderwijs tevens koran lessen worden gegeven. “We hebben met niemand banden, onze school is volkomen onafhankelijk”, zegt hij.

Volgens Bert Evenhuis, diplomaat op de Nederlandse ambassade in Ankara, wil Kaplan in het kader van zijn islamitische revolutie overal in West-Europa strenge moslimscholen oprichten, waar kinderen worden gehersenspoeld met de koran. In West-Duitsland, waar anderhalf miljoen Turken wonen, is hij daarmee al begonnen.

Overigens met wisselend succes. Vorige maand  sloot de politie tweemaal een onwettig kinderinternaat in Keulen. Omdat Nederland (nog) niet over dergelijke scholen beschikt, sturen steeds meer Turkse ouders hun kinderen terug naar het moederland. Daar bezoekt het kroost veelal illegale Koranscholen, waar onder het mom van naai- of kooklessen kinderen worden omgeturnd tot ‘super-islamieten’.

Niet alleen in eigen land kampt de Turkse overheid met radicale moslims, sinds 1980 ook in het buitenland. Een Turkse minister heeft toegegeven dat de staat daarmee veel te laat is begonnen, waardoor het fundamentalisme vaste voet aan de grond kon krijgen in West-Europa.

“Turkije probeert radicale moslims de wind uit de zeilen te nemen door er bij de Nederlandse overheid op aan te dringen islamonderwijs te geven op openbare scholen”, vertelt Evenhuis. Tot nu toe lijkt Den Haag zich echter niet al te druk te maken over de opmars van deze volgelingen van Mohammed. Evenhuis doet dat wel: “Fundamentalistische moslims belemmeren de integratie. Ze mogen een Nederlander zelfs geen hand geven.” De Frankfurter Allgemeine Zeitung schreef in april vorig jaar dat radicale moslims geneigd zijn zich weinig aan te trekken van Westeuropese regels en wetten, omdat die immers zijn ontworpen voor christenen.

Gevaar

In voor een diplomaat ongekend duidelijke bewoordingen heeft Evenhuis het ministerie van onderwijs en wetenschappen in Zoetermeer gewaarschuwd voor het ‘islamitische gevaar’. Ook de Rotterdamse delegatie die onder leiding van wethouder Simons (PvdA) van culturele minderheden vorig jaar juni een studiereis maakte in Turkije werd door Evenhuis bestookt met alarmerende informatie. Maar Rotterdam, dat met 24.000 Turken de meest ‘Turkse stad’ van Nederland is, ging  schouderophalend aan het verhaal van de diplomaat voorbij. Gerard Burger, ambtenaar op het gemeentelijk bureau migranten, vertelt dat de Maasstad van plan is geweest het relaas van Evenhuis nader te onderzoeken. “Maar dat rapport is er nog niet en het is de vraag of het er ooit komt. We vinden de verhalen van Evenhuis eenzijdig en propagandistisch, maar weerleggen kunnen we ze ook niet”, geeft hij toe.

Ondertussen is Rotterdam wel de stad die in de Eyyub Sultan moskee een centrum kent van aanhangers van Cemalettin Kaplan. Iets wat ook door Gerard Burger en Hans Simons wordt toegegeven. Verder is de Mili Görüs beweging in de weer geweest een centrum te openen in de voormalige jongerenclub Arena. Bovendien telt de Maasstad een paar moskeeën die buiten de Dyanet (het westerse verlengstuk van het Turkse presidium voor godsdienstzaken) vallen en die uitgaan van de Suleymanci’s. Er bestaat een sterk vermoeden dat deze moslimgroep nauwe banden onderhoudt met extreem-rechts.

Bedreiging

De Suleymanci’s beweging is een bedreiging voor de democratische vrijheid, zo blijkt uit verhalen van de Turkse journalist Ugur Mumcu in de kwaliteitskrant Cumhuriyet. Daarnaast publiceerde hij een dik boek, getiteld ‘Rabita’, dat handelt over het islamitisch fundamentalisme in West-Europa. Het boek is genoemd naar de radicale wereldmoslimorganisatie  die vanuit Saoedi Arabië geestverwanten in West-Europa moreel en financieel ondersteunt. Verder zou volgens Mumcu Iran een belangrijke rol spelen in de steun aan de heilige oorlog tegen buurland Turkije.

Kaplan heeft laten weten dat hij niet zal aarzelen om in geval van oorlog aan de zijde van Iran mee te vechten tegen zijn eigen ‘goddeloze’vaderland. In dit verband zal het niet verbazen dat de hodja van Keulen inmiddels de nationalistische Mili Görüs, die volgens Kaplan te eng is gericht op de verbinding islam-Turk, heeft verlaten. De moslimleider heeft nu een eigen organisatie: de Khomeinisten, in de volksmond ook wel islam-revolutionairen genoemd.

‘Islamitische Gijsen’

De verwijzing naar Khomeiny is natuurlijk niet toevallig. Net zoals de ayatollah in 1979 vanuit Parijs voor een islamitische omwenteling zorgde in Iran, probeert Kaplan vanuit Keulen een revolutie te bewerkstelligen in Turkije. Trots noemt Kaplan zichzelf de tweede Khomeiny. Maar Ahmet Arslan betitelt hem als de ‘islamitische Gijsen’. De vice-voorzitter van de Tilburgse Suleymanci moskee (die anders dan de naam doet vermoeden geen banden heeft met de Suleymanci’s) was Tweede Kerstdag vorig jaar ‘uit pure nieuwsgierigheid’aanwezig tijdens de vermoedelijk eerste bijeeenkomst van Kaplan in Nederland. De hodja van Keulen wilde eerst spreken in de moskee, maar daar staken het moskeebestuur en de Dyanet uit politieke overwegingen eendrachtig een stokje voor.

Daksar, een andere Tilburgse Turk, zegt: “Kaplan is gek, een keiharde vent. De combinatie Kaplan en de islam is net zo gevaarlijk als een idiote chauffeur in een spiksplinternieuwe Mercedes. Natuurlijk is het goed als moslims wereldwijd samenwerken, net zoals de katholieken, maar van opheffing van landsgrenzen en van een kalifaat kan geen sprake zijn.” Daksar en Arslan betreuren dat de ‘tweede Khomeiny’de islam zo’n slechte naam bezorgt. “want in ons geloof staan naastenliefde en verdraagzaamheid voorop.” Het tweetal zou het een goede zaak vinden als Kaplan in Keulen een reis- en spreekverbod zou krijgen. Maar voorlopig ziet het daar niet naar uit. In februari belegde de moslimleider een volgende geheime bijeenkomst in Nederland. Dit keer in Vlaardingen.

Tolerant

Ibrahim Görmez, algemeen directeur van de Islamitische Omroep Stichting (IOS) in Hilversum, is er vast van overtuigd dat slechts een minderheid van de in Nederland woonachtige Turken de ideeën van de hodja van Keulen aanhangt. “Nederland kent een lange traditie van openheid, ruimdenkendheid en tolerantie. In West-Duitsland vind je onder moslims meer extremisten. Wat Khomeiny en Kaplan doen is niet islamitisch”, meent de omroepdirecteur. “Als je de koran goed hebt gelezen, weet je dat je als moslim verdraagzaam moet zijn . Als Allah had gewild dat de hele wereld islamitisch was, dan had hij iedereen wel als moslim geboren laten worden. De islamitische staat bestaat nergens ter wereld en zal er ook nooit komen.”

Bekeren is niet het doel van de IOS. “Wij zijn een onafhankelijke omroep die wil meewerken aan integratie en het wegenemen van vooroordelen tussen christenen en moslims.”De omroepdirecteur, tevens actief lid van het CDA, vindt het triest dat door het optreden van Cemalettin Kaplan het vooroordeel nieuw leven wordt ingeblazen als zou elke moslim klaarstaan om hoofd en hand van andersdenkenden af te hakken.

Abulwahid van Bommel, een van oorsprong hervormde Hagenaar die zich ruim twintig jaar geleden tot de islam bekeerde, meent dat het fundamentalisme wortel kan schieten als de overheid migrantenjongeren in het verdomhoekje laat zitten. “Deze jongeren komen nergens aan de bak, noch in het onderwijs, noch op de arbeidsmarkt. Dit kan op lange termijn leiden tot gijzelingsacties van ambassade-personeel zoals destijds in Iran. President Carter had die actie ver van tevoren kunnen zien aankomen, maar hij sliep rustig door.”

‘Koekenbakker’

“Wat die koekenbakker van een Evenhuis uitkraamt, is onzin”, vervolgt Van Bommel. “De grootste islamitische invloed in West-Europa gaat niet uit van Kaplan en aanhangers, maar van de Turkse staat, die de meeste moskeeën in handen heeft. “

Volgens ‘Rabita’van Ugur Mumcu zijn dat er 300. Daarnaast zouden de Suleymanci’s 200 Westeuropese moskeeën in handen hebben en de Mili Görüs 218. Van Bommel geeft in Den Haag leiding aan een informatiecentrum over de islam. Hij noemt zichzelf een gematigd moslim, ofschoon hij toegeeft dat zijn centrum in de beginjaren eens een donatie van Saoedi Arabië heeft aanvaard.

Dat is het land waar de islam zo’n kleine 1400 jaar geleden ontstond, toen Mohammed zijn openbaringen kreeg. Kaplan vergelijkt zichzelf niet alleen graag met Khomeiny, maar zelfs met de profeet. Werd Mohammed in het jaar 622 immers niet uit zijn geboortestad Mekka verbannen naar Medina? Zoals Kaplan in 1981 zijn geboortestreek moest inruilen voor Keulen? En hoe glorieus was enkele jaren na 622 niet de wederkomst van Mohammed in zijn oude vaderstad, waar hij al spoedig werd erkend als de grote profeet van Allah?!

Naschrift 18 februari 2015: Cemalettin Kaplan zag zijn droom van een kalifaat niet bewaarheid. Hij stierf op 16 mei 1995. Zijn zoon Mohammed Metin Kaplan nam daarna het stokje over. In 2004 leverde Duitsland hem uit aan Turkije, waar hij wegens hoogverraad tot levenslang werd veroordeeld.  Maar het kalifaat (IS) kwam er. Alleen begon het niet in Turkije, zoals de Kaplans voor ogen hadden, maar in delen van Irak, Syrië en Libië. Intussen wordt Turkije vanaf 2003 geleid door Recep Tayyip Erdogan (eerst als premier, later als president). Hij is de meest orthodox-islamitische staatsman sinds de scheiding van kerk en staat in Turkije in 1923.  

Een griezelig beeld: IS straks in Rome?

IS windt er geen doekjes om: nu in Libië, straks in Rome.
IS windt er geen doekjes om: nu in Libië, straks in Rome.

De ene gruweldaad volgt de andere op. We hadden de jihadistische aanslag in Kopenhagen nog op ons netvlies of we zagen al weer de volgende terreuractie: de onthoofding van 21 koptische christenen op het strand van Libië. De tv-kijker kon kiezen tussen huilende en biddende Denen of huilende en biddende Egyptenaren.

En dit is nog maar het ‘begin’, waarschuwden oorlogsjournalist Hans Jaap Melissen en koptisch-Egyptisch politicologe Monique Samuel in ‘Jinek’. “IS weet met een beperkt aantal strijders maximaal effect te bereiken”, sprak Melissen. “Door angst te zaaien bereiken ze hun doel. Eén onthoofdingsfilmpje is goed voor de ontvolking van een hele stad.”Hij vergeleek het met een franchisesysteem: ze nemen een gebied in en planten hun vlag.

Samuel: “IS zit niet alleen in Irak, Syrië en Libië. Ze zitten in Parijs, Kopenhagen en Den Haag. Dit is een kruistocht, waarin uiteindelijk het westen zal worden aangevallen. Te beginnen met Rome, centrum van het christendom en de Europese beschaving.” Het waren woorden die de kijker aan de stoel vast nagelden.

Zelfs het anders altijd zo gelijkmoedige Journaal leek geschrokken van de euforische IS-beul op het strand van Libië: “We staan ten zuiden van Rome!” Italië-correspondent Rop Zoutberg: “Deze uitspraak is hier als een mokerslag aangekomen. Een kalifaat aan de Middellandse Zee, amper driehonderd kilometer van Italië verwijderd!”

Op tv zoeken deskundigen ondertussen naarstig naar verklaringen voor het oprukkende kwaad. De analyse is gelijkluidend: het is de schuld van het westen. De Britse schrijfster Karen Armstrong zei het vorige maand in ‘Buitenhof’, arabiste Laila al-Zwaini herhaalde het pas in ‘IkonHuis’, en ‘MO Actueel’, een programma van de Moslimomroep, borduurde er zaterdag op voort. “Het westen heeft deze eeuw veel agressie gepleegd in islamitische landen”, zei Abou Hafs van Platform Bewust Moslim, “en moslims voelen zich geroepen hun broeders te hulp te schieten.”

Of het echt ‘allemaal de schuld van het westen’is, kan ik niet goed beoordelen, maar wat ik wel kan beoordelen is dit: tegengeluiden hoor je nauwelijks. Noch van andere deskundigen, noch van journalisten. Als Armstrong, een ex-non, zegt dat islamitisch anti-semitisme niets met de islam maar alles met het christendom en de staat Israël heeft te maken, blijft het stil bij Pieter Jan Hagens. Zelfs als deskundigen zichzelf klemzetten in cirkelredeneringen, hoor je geen enkel kritisch weerwoord. Zoals maandagavond in ‘EenVandaag’. Eerst verkondigde terrorisme-expert Loretta Napoleoni dat als het westen Saddam Hoessein niet had weggestuurd en straks wellicht Assad, er nooit een kalifaat was gesticht. Om daar in één adem aan toe te voegen dat ‘het westen voortdurend meedogenloze dictators heeft verwelkomd en deals met hen heeft gesloten.’ Zo bezien lijkt slechts één conclusie mogelijk: wat het westen ook doet, het is altijd verkeerd. Maar van ‘EenVandaag’kwam geen tegengeluid.

Loretta Napoleoni was wel een beetje bang geworden van IS, zei ze. Geen wonder. Ze is Romeinse. Ook ik ging  die avond bevreesd naar bed. Zou het ondenkbare straks mogelijk worden? Een door IS geketende paus in de straten van Rome?

NOS heeft niets in ‘De Mol’te zoeken

Nieuwslezer Rik van de Westelaken zoekt tussen reizigersbagage naar geld.
Nieuwslezer Rik van de Westelaken zoekt tussen reizigersbagage naar geld.

Vroeger was de journalist een mijnheer, nu doet hij mee aan quizzen en amusement. Is dat erg? Het ligt er maar aan. Met Herman van der Zandt als spelleider van ‘Met het mes op tafel’heb ik minder moeite dan met Rik van de Westelaken als kandidaat van ‘Wie is de Mol?’ Ik zal uitleggen waarom.

Van een Journaal-lezer – want dat zijn beiden – verwacht je ernst en betrouwbaarheid. Een degelijke quiz is daarom, denk ik, beter verdedigbaar dan een amusementsshow. Mag een nieuwslezer ons dan nooit zijn menselijke kant tonen? Nou, liever niet.

Een Journaal-gezicht moet vooral afstandelijk blijven. We hoeven niet te weten wat hij stemt of gelooft. Het zou ons vertrouwen in zijn objectiviteit maar kunnen schaden. Evenmin verdient het aanbeveling hem op avontuur te zien met allerlei BN’ers, omdat dat z’n gezag als serieuze anchor kan ondermijnen. Anonimiteit  is de prijs die hij moet betalen voor zijn belangrijke functie en de daarbij behorende ‘roem’.

‘Met het mes op tafel’(Max) kan er voor een nieuwslezer net mee door. Het is een stijlvol spel met een pianist en een zangeres. En vragen die ergens over gaan: wetenschap, kunst, literatuur, bestuur. In die zin is er zelfs een overeenkomst met het Journaal, met dit verschil dat Van der Zandt in zijn echte baan natuurlijk nooit mag zeggen ‘dit antwoord reken ik goed’.

Van der Zandt heeft een natuurlijke flair en charme; niet voor niets is zijn bijnaam Herman de Schermman. Zijn tijdelijke vervanging van Joost Prinsen zij hem vergeven. Temeer omdat hij vóór zijn Journaal-carrière zelf kandidaat was in deze kennisquiz, en daarbij twintigduizend gulden verloor.

Het is niet de eerste keer dat een NOS-anchor een quiz presenteert. Philip Freriks was in 2004 het   gezicht van de Nationale Bijbeltest. Nieuw is wel de deelname aan ‘Wie is de Mol?’ Een spannend programma, daar niet van.  Bovendien mooi filmisch gemonteerd, en je ziet nog eens iets van al die exotische landen.

Maar… Zaterdagavond vroeg ik me met stijgende verbazing af wat Van de Westelaken in hemelsnaam in deze show had te zoeken. In een bomvolle trein in Sri Lanka moesten de kandidaten, onder wie dus onze NOS-man, op zoek naar een enveloppe met geld. Reizigers werden gemolesteerd met vragen daarover, er werd tussen hun voeten gezocht en aan hun bagage gesjord. Moet een nieuwslezer zich in zulke genante situaties begeven?

Erger werd het nog toen de kandidaten als een sprinkhanenplaag in een Tamildorp neerstreken voor  een ‘Wie is de Mol?’-verkiezing. De arme inwoners leken er niets van te begrijpen, al die opgewonden BN’ers met hun geschreeuw: stem op mij. En dat ook nog in hun heiligdom, de tempel. Deze kijker kreeg het ongemakkelijke gevoel dat primitieve dorpsbewoners werden misbruikt voor de kijkcijfers van de  Avro. Eerst een hoop geïntimideer (Margriet van der Linden: “Onthoud mijn gezicht, stem op mij!”), en daarna spoorslags verdwijnen. Wat zouden die Tamils na afloop hebben gedacht: Wie wáren deze dwazen?

Het was voor zijn geloofwaardigheid als nieuwslezer beter geweest als Van de Westelaken niet had meegedaan. Als ik Journaal-hoofdredacteur Marcel Gelauff was, zou ik me nog eens ernstig over het NOS-schnabbel-beleid buigen.

Zelfs het weer werkt mee aan ‘Fifty shades of grey’

Het zinderde de hele avond van de erotiek. Het begon al in het Journaal. “Critici haalden hun neus ervoor op”, zei nieuwslezer Rik van de Westelaken, “maar miljoenen lezeressen smulden van het boek. En met de film lijkt hetzelfde te gebeuren.”Voor de dames-première van ‘Vijftig tinten grijs’ waren honderdduizend kaartjes verkocht, wist de presentator. “Een record.”

Verslaggeefster Tanja Braun nam poolshoogte in de bioscoop. “Alles werd heel goed benoemd”, vond een premièregaste. Verwarrend. Wát werd goed benoemd? Gelukkig bleek een andere bezoekster meer to the point: “Het was allemaal heel geil”, was haar recensie. “Dus, daar kom je voor?”, vroeg Braun voor de zekerheid. “Ja, daar kom ik voor.”

In een dappere poging de sm-film nog wat extra diepte te geven, oreerde Karel de Vries (Universal Pictures) over een ‘cultureel fenomeen.’ “Ja, dat steekt eens in de zoveel tijd de kop op”, doceerde hij met wijsgerige blik, “Harry Potter-achtige taferelen.”Die laatste vergelijking kon Van de Westelaken niet geheel thuisbrengen, gaf hij eerlijk toe. “Enne, voor een bruggetje naar het weer, zal ik maar niet beginnen over jouw grijze pak, hè?”, sprak hij olijk tot Peter Kuipers Munneke. “Het wordt morgen een grijze dag”, voorspelde de weerman onaangedaan. Hoe zelfs het klimaat meewerkt aan de promotie van een ‘cultureel fenomeen’!

Ook ‘Door het oog van de naald’(RTL 4) leek beïnvloed. ‘Amazing grey’heette een van de maxi-jurk-creaties. En een andere ‘greymotion’. Best leuk, deze wedstrijd ‘tussen tien creatieve naaiduo’s’ (sorry, zo staat het in de gids). Het is een beetje ‘Heel Holland bakt’(Max), maar dan zonder taart. En helaas ook zonder het droogkomische commentaar van Martine Bijl. Maar verder uiterst gezellig en huiselijk. En met een logica waar geen speld tussen te krijgen valt. Zo redeneerde deelneemster Anja over haar maxi-jurk: “Ik heb erover nagedacht er een stuk aan te zetten, maar dan is het wel weer meteen van: ik zet er een stuk aan.”

Of deze. Jurylid Nelleke Rimmelzwaan: “In een puntje werken is altijd lastig, want je moet het puntje wel het puntje laten.”Niettemin vond ze de ‘puntjes-creatie’van Louise en Marianne fantastisch. De twee Bloemendaalse vrouwen gingen dankzij hun tuniek-ontwerp met de hoofdprijs naar huis. Het onverbloemde taalgebruik is, voor wie niet in de modewereld thuis is, een openbaring. “Deze jurk is meer iets voor een travestiet”, oordeelde jurylid Maik de Boer bij een roze exemplaar. Soms barsten kandidaten  in huilen uit. En ook dat zal wel deel van het ‘kijkplezier’zijn.

Het kijkplezier van ‘jinek’valt vaak tegen. De onderwerpen zijn te dun, te onbenullig. Dat gold natuurlijk niet voor afgelopen woensdag met ‘Fifty shades of grey’als dagsluiting (goed voor bijna eenderde van de hele talkshow). “We hebben de film allemaal gezien”, zei de KRO/NCRV-presentatrice, “maar ik zal het toch even inkaderen. Een zinvolle film?”’Überman’Maxim Hartman, aan wie de vraag werd gesteld, hield de spanning er lekker in. “Ik wil eerst even zeggen dat ik je zo waardeer omdat je een dominante vrouw bent”, begon hij. “Dat zie je goed, Maxim”, vleide Jinek. En toen moest het echte gesprek nog beginnen. Kunt u nagaan hoe dát is verlopen…

Jezus valt bij tv tussen wal en schip

Zelfs Knevel, hier met Bettelies westerbeek, roerde de Jezus-vraag niet aan.
Zelfs Knevel, hier met Bettelies Westerbeek, roerde de Jezus-vraag niet aan.

Jezus heeft als historische figuur nooit bestaan, meldde ds. Edward van der Kaaij vorige week maandag in Trouw. Daarna stonden ook andere kranten er vol van. Geen wonder, want als een van de belangrijkste pijlers onder de westerse religie en cultuur een mythe lijkt, mag dat groot ‘nieuws’heten. Behalve voor onze christelijke omroepen. Zij gooiden geen van alle de programmering om.

Zo had de Katholieke Radio Omroep zijn handen vol aan geile Geert, een door Yvon Jaspers geschapen rel rond een van de deelnemers aan ‘Boer zoekt vrouw’. Daar kun je niks bij hebben, dat begrijpt iedereen. ‘Brandpunt’dan? Ook al niets. De KRO-rubriek bezocht een naar Brazilië vertrokken pedo-priester. ‘Kruispunt’(RKK) verblijdde ons met ‘Oma slaat terug’, een reportage over hoe ouderen pinpasdieven van zich af kunnen meppen. Dat was zondagavond.

Die ochtend had ik me vol verwachting geïnstalleerd voor NPO 2. ‘IkonHuis’ zou ons niet in de steek laten, dat was zeker. Of toch niet? Het is eerlijk gezegd nogal een rommeltje in dat programma. In de vier maanden dat het bestaat is het drie keer van opzet veranderd. Het begon met het duo Mirjam Sterk (oud-CDA-Kamerlid) en reli-babe Annemiek Schrijver. Het boterde zichtbaar niet tussen de dames. Schrijver verlangde bovendien naar ‘meer diepgang’, en verkaste naar haar oude werkgever NCRV, waar ze sinds kort ‘De verwondering’presenteert.

Daarna mocht Sterk het in haar eentje proberen. Ook dat duurde niet lang. Sterk, een theologe, had weinig met levensbeschouwelijke tv, liet ze in een persbericht weten, en trok na een korte omroep-carrière voorgoed de deur in Hilversum achter zich dicht. Maar daarmee was de oecumenische-dames-stoelendans nog niet ten einde. Colet van der Ven keerde terug bij de IKON. Zij is nu het állernieuwste gezicht van ‘IkonHuis’, dat je onderhand beter ‘IkonDoorgangshuis’ zou kunnen noemen. Maar goed, ik dwaal af: Jezus.

Verdraaid, daar toverde Van der Ven de Jezus-glossy in beeld. Hoofdredacteur Arthur Japin vertelde erover. Dat hij niet meer gelovig was, maar wel geïnteresseerd in de persoon van Jezus Christus. Nu werd het spannend. Het kon niet lang meer duren of de vraag der vragen zou ter tafel komen: Heeft Hij echt bestaan? Maar nee. Het ging over biechten en gepest worden, eenzaamheid en nergens bijhoren. Een mooie conversatie, dat wel.

Een paar uur eerder had ik ‘De verwondering’gezien. Schrijver in gesprek met auteur Jan Brokken. Een aanrader, dat NCRV-programma. Een soort hergeboorte van Schrijvers voormalige Ikon-show ‘Het vermoeden’. Maar over Jezus spraken ze niet. Terwijl Brokken toch de zoon van een dominee is. Ze mogen trouwens wel wat meer van die lekkere croissantjes eten. Het is een ontbijtshow, maar alle lekkernijen bleven onaangeroerd op tafel.

Tot slot: Knevel. Ons EO-baken zou ten strijde trekken tegen de Jezus-ketterij, dat kon niet missen. Ditmaal schoof Bettelies Westerbeek aan. Ze is ‘missionair pionier’en probeert in Moerwijk (Den Haag) een nieuwe kerk te stichten. “We praten met de bewoners over van alles”, vertelde ze in ‘Andries’, “want God is belangrijk, maar pompoensoep ook.” Het was half één zondagnacht. En het ging over pompoensoep. Arme Jezus.

En toen was er plots de nieuwe Witteman

Wetenschappelijk en toch intiem: Witteman vanuit het anatomisch theater.
Wetenschappelijk en toch intiem: Witteman vanuit het anatomisch theater.

Heeft u hem gezien, de ‘nieuwe’Witteman?. Hij is helemaal terug. Energiek, fris, sprankelend. Wat een rentree na zijn slopende talkshowjaren! Goed dat hij is gestopt met ‘Pauw & Witteman’en  zich nu stort op zijn twee eeuwige liefdes: wetenschap en klassieke muziek.

Niet minder dan anderhalf uur heeft Paul Witteman gekregen voor zijn muziekprogramma. Weliswaar op de zondagmiddag, maar toch. Optredens van drie minuten of langer zijn geen uitzondering in ‘Podium Witteman’. Dat is veel voor tv. En toch is het NTR-programma niet te hoog gegrepen. Zonder in de val van de human interest te trappen – altijd een gevaar bij cultuur -, weet de presentator toegankelijkheid (een quiz), diepgang (dwarsverbanden met jazz, pop en poëzie) en ‘nieuws’ (Japanners die Bach zingen) samen te smeden tot één geheel. Daardoor krijgt de uitzending vaart en vliegen de minuten voorbij. Bijvoorbeeld: als sopraan Lenneke Ruiten hem vertelt dat elke stem van nature een beetje vibreert, is zijn ontregelend- geestige antwoord: “De mijne niet.”

Vervolgens vraagt hij haar een lied te zingen mét vibrato en zónder. Ruiten kiest voor de aria ‘Aus Liebe’van Bach. “Het is mooier zonder vibrato”, concludeert Witteman, en ik denk dat hij met dit experimentje vele kijkers heeft overtuigd.

Zijn tweede nieuwe boreling heet ‘Witteman ontdekt’(Vara). Hier zien we de scherpe vragensteller die alles van nieuwe wetenschappelijke vindingen wil weten. Vrijdag, tijdens de première, ging het over het implanteren van elektroden in het brein. Schijnt te helpen tegen angst, depressie en dwangneurose. Een ethische kwestie, want je persoonlijkheid kan veranderen. Een ethicus, zoals beloofd in een vooruitblik in ‘DWDD’, zat niet aan tafel. Witteman nam zelf die rol op zich. “Wordt de mens niet een robot met al dat gesleutel aan zijn hersens?”, vroeg hij. “Nee”, antwoordde psychiater Damiaan Denys slim, “hij wordt juist een beter mens, en daardoor méér mens.”

Witteman had wat dieper mogen graven. Zoals op het moment waarop we te horen kregen dat zo’n ‘computertje’in je hoofd kan worden gehackt.  Een eng idee. Is dát nou juist niet die robotisering van de mens?  Maar op het scherm ging het toen al weer over iets anders. “Kan ik bij u een extra portie geluk bestellen via een elektrode?”, vroeg Witteman. “Het kan wel, maar ik doe het niet”, trok Denys een grens. “Maar geluk bepaalt toch een groot deel van het leven?”, wierp de presentator tegen. “Volgens mij niet”, sprak de psychiater. “Voor mij maakt juist  het menselijk tekort het leven de moeite waard.” Precies professor, touché!, riep ik geestdriftig vanuit mijn tv-stoel. Toch nog een aardig ethisch-filosofisch staartje.

De setting van ‘Witteman ontdekt’is een verhaal op zich. Ze zitten aan de oude snijtafel van het anatomisch theater in het Boerhave museum. Een toepasselijker omgeving voor het ontleden van de  mens is ondenkbaar. De ronde vorm van het theatertje geeft de uitzending ondanks alle wetenschappelijkheid iets warms en intiems. De eenvoud deed me denken aan Pierre Janssens ‘Kunstgrepen’ in de beginjaren van de tv. Een psychiater met tussen zijn vingers een elektrode. Zo simpel kan tv zijn, en tegelijk zo boeiend.